dinsdag 25 oktober 2011

Oddities: Viva la Bizarre

Laatst werd ik getipt over de tv serie Oditties van Discovery Chanel. OH MIJN GODEN! Waarom wist ik hier niks van en waarom wordt het niet in Nederland uitgezonden? Alles wat ik ooit wilde in één tv show. In de tussentijd heb ik natuurlijk alles wat er van te vinden is al gedownload (er zijn maar twee seizoenen, meh).



Oddities is zo'n standaard real life serie maar dan over mijn droomwinkel; Obscura Antiques & Oddities in New York. Oddities maakt me niet alleen heel erg blij vanwege alle oude vreemde dingen en mooie taxidermies die er voorbij komen maar ook vanwege de herkenbaarheid. Ik zie mensen die net zo'n passie hebben voor het bizarre (met name uit de victoriaanse tijd) als ik. Mensen die de schoonheid ervan in zien. In een aflevering hebben twee vrouwen een gesprek over hun gedeelde fascinatie voor de victoriaanse rouwcultuur en hun liefde voor het verzamelen van antieke rouw objecten. De victorianen bewaarde vaak stukjes haar van overledenen en verwerkte dat in sieraden of maakte er hele kunstwerken van als aandenken. Eén van de vrouwen zegt dan: 'victorians fetishized hair because it is the only part of us that remains, it doesn't perish. It's an everlasting memorial.' Precies dat heb ik niet alleen met die victoriaanse haarwerkjes maar ook met botten. Botten en schedels zijn niet alleen prachtige kunstwerken van de natuur, het is ook iets wat lang blijft bestaan nadat dat wat het was er niet meer is. Het overwint als het ware de vergankelijkheid. Dat maakt het bizar en mooi tegelijk. En het is fijn mensen te zien die dat begrijpen. In een andere aflevering vonden ze een antiek volledige geprepareerde skelet van een vrouw inclusief haar kist. Alleen al voor die kist zou ik een moord doen. Aan de andere kant word ik er dus ook heel erg hebberig en jaloers van natuurlijk... Tijd om eens een tripje naar New York te maken dus. ;)

Als je hier klikt vind je al een heleboel teasers. Hieronder staan vijf van mijn favorieten. Als het filmpje is afgelopen begint er meteen een nieuwe, vet irritant maar daar kan ik niks aan doen. Eerst even uit klikken dus.









donderdag 13 oktober 2011

Noodweer, dat is pas mooi weer

Het weer is weer als vanouds; herfstig. Gelukkig hebben we nog een paar dagen mogen genieten van een kleine nazomer. Nazomers zijn veel lekkerder dan echte zomers omdat de zon al wat lijkt afgezwakt en omdat de blaadjes die al bruin beginnen te worden goud oplichten in de zon.

Natuurlijk heb ik, net als de rest, geklaagd over het weer deze zomer. Ik vond het wel weer typisch dat juist het jaar waarop ik niet op vakantie ging, het jaar was met zoveel regen. Dus de visioenen van boeken lezen in het park gingen een beetje in rook op. Maar wat men tijdens dit soort niet bestaande zomers vaak vergeet is dat extreem veel regen veel makkelijker te verdragen is dan extreme hitte. Eigenlijk is het toch heerlijk dat je deze zomer niet wanhopig verkoeling hebt hoeven zoeken, je gewoon je vest aan hebt kunnen houden en niet wakker hebt gelegen omdat het onder de deken veel te warm is en je zonder deken niet kunt slapen? En mensen zijn zo lelijk met mooi weer. Of ben ik de enige die zich stoort aan het verschijnsel dat, zodra de zon zich laat zien, mensen ongeveer alles uittrekken zonder te overwegen of het tonen van zoveel vlees wel zo charmant staat? Ineens moet alles kort, klein en in vrolijke kleurtjes. En dat is lelijk mensen. En dan die teenslippers die iedereen ineens nodig vindt (om over birkenstocks maar helemaal niet te spreken).

Maar het grootste probleem dat ik heb met mooi weer is dat ik er helemaal niet automatisch vrolijk van word. En dat moet blijkbaar wel. Je wordt geacht vrolijk te worden van mooi weer. Ik word er alleen maar zenuwachtig van. Mij geeft het een gevoel van; ik moet naar buiten, leuke dingen doen, ik moet genieten, I'm missing out! Zonnig weer is een pestkop die aantoont hoe levenloos ik eigenlijk ben. Het doet mijn eigen huis als een gevangenis voelen. Ik vind het dan ook helemaal niet zo onwaarschijnlijk dat er naast mensen met een winterdepressie er ook mensen met een zomerdepressie bestaan.
Nee geef mij maar storm en onweer. Noodweer, dat is pas mooi weer. Herfst en winter passen mij beter. En in de herfst mag je de hele dag thuis zitten want buiten is het toch rot weer. En dan lekker binnen rommelen met een kopje thee.

Ja ik heb het al eens genoemd op mijn oude weblog maar ik wil dit stukje graag afsluiten met de woorden van Désanne van Brederode uit een column in het tv programma Buitenhof op 19 april 2009. Mooier had mijn punt immers zelf niet kunnen verwoorden:

'Mooi weer? Dat is het in november, als de bomen vechten tegen de wind, een gevecht dat ze verliezen – met rondwaaiend goud, broos, vergankelijk goud, tegen een loodgrijze hemel. Mooi weer is het, als de gordijnen ‘s middags al dicht kunnen, en opwapperen als er een ijzige sneeuwwind binnenwaait. Mooi weer is weer waarbij je kunt nadenken over echte liefde en echte dood, op een waarachtige, harde, onmooie manier. Mooi weer is regenweer waarin niemand ziet dat je jankt om de ellende die het leven is. Weer, waarin je Jacques Brel hoort fluisteren en briesen. Mooi weer is weer waarin je moet proberen zelf een brandende zon te zijn, tegen beter weten in. Natuurlijk, ik kan het spelletje prima meespelen, en doen alsof er geen crisissen en conflicten bestaan, een wijntje aan het water kan ik best waarderen… Maar soms voel ik me een banneling, een roepende in de woestijn… Namens al diegenen die deze wanhoop delen zou ik de blije, vrije meerderheid willen vragen: mag het een beetje minder? Mogen wij, bij wijze van verzetsdaad, nog even in onze Noorse truien lopen? Mogen wij ’s nachts alstublieft klaarwakker de dagen tot eenentwintig september tellen,wanneer we weer onszelf kunnen zijn, op onze eigen, nimmer frivole, hartstochtelijk herfstige wijze? Zolang wij worden getergd en gemarteld met kletspraat over iedereen die geniet van het mooie weer… ‘Dus moet jij ook, je wilt toch geen spelbreker zijn?’ – zolang verdom ik het te geloven dat ik leef in een vrij land. Het is maar dat u dat beseft.'